ECLI:NL:RBDHA:2024:13156
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublinprocedure Duitsland
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister van Asiel en Migratie heeft bij besluit van 6 mei 2024 deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van het asielverzoek op grond van de Dublinverordening.
Tegen dit besluit heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 25 juni 2024 behandeld.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu de hoofdzaak (zaaknummer NL24.19871) reeds is beslist, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 11 juli 2024 en staat niet open voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.