ECLI:NL:RBDHA:2024:13342
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening tegen beslissing op bezwaar AOW-inhouding niet-ontvankelijk verklaard
Verzoeker heeft een verzoek om voorlopige voorziening ingediend tegen een beslissing op bezwaar van de Sociale verzekeringsbank over de inhouding van zijn AOW-pensioen. De voorzieningenrechter beoordeelt dit verzoek op 14 augustus 2024.
De voorzieningenrechter constateert dat verzoeker het griffierecht van €51,- niet heeft betaald en ook geen verontschuldiging daarvoor heeft gegeven. Verzoeker reageerde niet op verzoeken om informatie over zijn inkomen en vermogen, noch op aanmaningen om het griffierecht alsnog te voldoen. Daarnaast heeft verzoeker geen gronden voor zijn verzoek aangevoerd en is er geen beroepsprocedure aanhangig tegen de beslissing op bezwaar.
Gelet op deze feiten verklaart de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk en beoordeelt het verzoek niet inhoudelijk. De voorzieningenrechter wijst erop dat verzoeker bij de Sociale verzekeringsbank een nieuwe betalingsregeling kan aanvragen als hij het maandelijkse bedrag niet kan voldoen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt kennelijk niet-ontvankelijk verklaard vanwege niet-betaling van griffierecht en ontbreken van gronden.