ECLI:NL:RBDHA:2024:13522
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na eerstejaars herbeoordeling wegens geschiktheid voor passende functies
Eiser ontving een Ziektewetuitkering na ziekmelding in november 2021. Bij een eerstejaars herbeoordeling concludeerde de verzekeringsarts dat eiser vanwege ernstige coxartrose en osteoporose zijn eigen werk niet kan verrichten, maar wel geschikt is voor functies met aangepaste belastingen. De arbeidsdeskundige wees drie passende functies aan met een verdiencapaciteit die een verlies van 11,3% oplevert.
Verweerder beëindigde de uitkering per 14 april 2023 omdat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn. Na bezwaar en aanvullend onderzoek door de verzekeringsarts bezwaar en beroep werd het bezwaar ongegrond verklaard. Eiser stelde dat de functionele beperkingen niet volledig waren verwerkt in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML), met name met betrekking tot zitten en lopen.
De rechtbank volgde de verzekeringsarts bezwaar en beroep dat de beperkingen in de FML adequaat waren vastgelegd en dat de functies passend zijn. Omdat eiser met deze functies meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kan verdienen, is de beëindiging van de uitkering terecht. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de Ziektewetuitkering wordt terecht beëindigd per 14 april 2023.