Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
de minister van Buitenlandse Zaken, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn bezwaarschrift tegen een besluit van 23 augustus 2023. Verweerder heeft het bezwaar gegrond verklaard bij besluit van 21 maart 2024. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De rechtbank overweegt dat de beslistermijn op het bezwaar op grond van de Vreemdelingenwet negentien weken bedraagt, gerekend vanaf het einde van de termijn voor het indienen van het bezwaar. Deze termijn was opgeschort vanwege het indienen van gronden van bezwaar door verzoeker, waardoor de beslistermijn uiteindelijk eindigde op 21 maart 2024.
Verzoeker stelde verweerder op 6 februari 2024 in gebreke, maar op dat moment was de beslistermijn nog niet verstreken, waardoor de ingebrekestelling te vroeg was. Daarom is er geen grond voor een proceskostenveroordeling.
De rechtbank wijst het verzoek af en doet dit zonder zitting op basis van artikel 8:54 Awb Pro. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos op 28 augustus 2024.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling wordt afgewezen wegens te vroege ingebrekestelling.