Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr. B.A. Smit, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 28 februari 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Op 9 juni 2023 werd eiser toegelaten tot de nationale procedure, waarmee Nederland verantwoordelijk werd voor de behandeling van de aanvraag. De minister moest binnen zes maanden na deze datum beslissen, dus uiterlijk op 9 september 2024.
Eiser stelde de minister op 30 mei 2024 in gebreke wegens het niet tijdig beslissen en stelde op 24 juni 2024 beroep in tegen het uitblijven van een besluit. De rechtbank oordeelde dat de ingebrekestelling prematuur was, omdat de beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor voldoet het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank verklaarde het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter A.G.D. Overmars en openbaar gemaakt op 2 september 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediend beroep.