ECLI:NL:RBDHA:2024:13992
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht aan Kroatië in asielprocedure toegewezen
Verzoeker heeft een aanvraag tot verblijfsvergunning asiel ingediend, maar de minister heeft deze niet in behandeling genomen omdat Kroatië verantwoordelijk is volgens het Dublin-verdrag. Verzoeker stelde beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om overdracht aan Kroatië te voorkomen.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 13 augustus 2024, waarbij verzoeker niet verscheen, maar de minister wel werd vertegenwoordigd. Gezien het spoedeisend belang van verzoeker en de lopende beroepsprocedure, waarbij onder meer het interstatelijk vertrouwensbeginsel voor Kroatië aan de orde is, werd het verzoek toegewezen.
De voorlopige voorziening houdt in dat verzoeker niet aan Kroatië mag worden overgedragen totdat op het beroep is beslist. Tevens werd de minister veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoeker ad € 875,-. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Verzoeker mag niet aan Kroatië worden overgedragen totdat op het beroep is beslist.