Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van 17 juli 2024 waarbij zijn asielaanvraag niet in behandeling werd genomen omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling. Hij verzocht om opschorting van de rechtsgevolgen van dit besluit totdat op het beroep zou zijn beslist.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat de hoofdzaak met zaaknummer NL24.28583 reeds is behandeld en beslist. Hierdoor is een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk. Het verzoek wordt daarom als kennelijk ongegrond afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 4 september 2024 en is definitief; tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.