Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend die door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling is genomen op grond van de Dublin-verordening, waarbij Kroatië als verantwoordelijke lidstaat wordt aangewezen. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening zonder zitting behandeld en verwees naar een eerdere uitspraak van dezelfde rechtbank waarin het onderliggende beroep ongegrond werd verklaard. Op basis hiervan werd het verzoek om voorlopige voorziening eveneens afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 4 september 2024 en is definitief, tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet-inhoudelijk behandelen van de asielaanvraag is afgewezen.