ECLI:NL:RBDHA:2024:14419
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na uitspraak op beroep
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister van Asiel en Migratie op 28 juni 2024 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld op 25 juli 2024, samen met een gerelateerde zaak. Tijdens de zitting waren beide partijen vertegenwoordigd en was een tolk aanwezig.
Op de datum van deze uitspraak heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.26746). Omdat de hoofdzaak is beslist, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wijst het verzoek af.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter V.A.G. van Dijk en griffier J.A. Hessels en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.