Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning en verzocht om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter heeft op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) beoordeeld of het verzoek ontvankelijk was.
De rechtbank stelde vast dat het griffierecht van €187,00 niet was betaald ondanks een aangetekende aanmaning met een betalingstermijn van twee weken. Verzoeker gaf geen reden voor het verzuim en er waren geen omstandigheden die het verzuim konden rechtvaardigen.
Op basis van artikel 8:82 en Pro 8:83 Awb werd het verzoek daarom kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder zitting. Er was geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.