ECLI:NL:RBDHA:2024:1452
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens ongegrond beroep
Verzoekster heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Roemenië verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met het beroep behandeld op zitting, waarbij verzoekster niet is verschenen. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard, waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening vervalt.
Op basis hiervan wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en er is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het samenhangende beroep ongegrond is verklaard.