Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiser 1] en [eiser 2], eisers
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eisers, van Syrische nationaliteit, werden op 13 maart 2024 in bewaring gesteld op grond van artikel 59, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Zij stelden dat de inbewaringstelling onrechtmatig was vanwege de medische toestand van eiseres, die hoogzwanger was met zwangerschapsdiabetes en complicaties.
De rechtbank oordeelde dat de maatregel van bewaring niet onrechtmatig was omdat op het moment van inbewaringstelling de medische situatie niet zodanig was onderbouwd dat de staatssecretaris hiervan had moeten afzien. De geplande terugkeervlucht op 19 maart 2024 kon niet doorgaan vanwege de zwangerschap, maar dit was op het moment van de maatregel niet duidelijk.
De staatssecretaris had voldoende gemotiveerd waarom de maatregel werd opgelegd, mede omdat eisers niet meewerkten aan terugkeer naar Bulgarije. De rechtbank concludeerde dat de maatregel rechtmatig was en wees het verzoek om schadevergoeding af. De beroepen werden ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af wegens rechtmatige inbewaringstelling.