ECLI:NL:RBDHA:2024:1489
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens Dublinverantwoordelijkheid Spanje
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening tegen het besluit van 1 december 2023 waarbij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling heeft genomen. Dit omdat op grond van het Dublinverdrag Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen dit besluit en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan.
De voorzieningenrechter overweegt dat de rechtbank bij een eerdere uitspraak in een gerelateerde zaak (zaaknummer NL23.37880) reeds heeft beslist over het beroep, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom wordt het verzoek afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E.F. Bethlehem en griffier R. de Mul en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag en de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan.