ECLI:NL:RBDHA:2024:15089
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublinprocedure
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling is genomen vanwege de verantwoordelijkheid van Bulgarije volgens de Dublinverordening.
Tegen dit besluit is beroep ingesteld en tevens is een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 13 augustus 2024 behandeld.
Omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak, is de voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk. De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door mr. P.J.M. Mol en bekendgemaakt op 16 augustus 2024. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.