ECLI:NL:RBDHA:2024:15338
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens intrekking na verlening machtiging voorlopig verblijf
Verzoeksters hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Nadat verweerder de Nederlandse ambassade in Islamabad had gemachtigd om de mvv te verlenen, hebben verzoeksters het beroep ingetrokken.
De rechtbank stelt vast dat het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit daarmee is komen te vervallen en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Omdat het beroep terecht was ingesteld vanwege de vertraging, veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de proceskosten.
De proceskosten worden vastgesteld op € 437,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht en een lichte wegingsfactor vanwege de beperkte aard van het beroep. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier Ż.A. Meinert en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 437,50.