ECLI:NL:RBDHA:2024:15492
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken beroepsgronden bij omzetting WGA-uitkering
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen om zijn loongerelateerde WGA-uitkering om te zetten in een WGA-vervolguitkering. Na ontvangst van het dossier heeft eiser nagelaten zijn beroepsgronden aan te vullen, ondanks een herhaald verzoek van de rechtbank om dit uiterlijk 15 juli 2024 te doen.
De rechtbank heeft op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht vastgesteld dat het eindoordeel buiten redelijke twijfel staat en heeft daarom het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding.
De uitspraak is gedaan door rechter D.R. van der Meer en griffier H.B. Brandwijk op 4 september 2024. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het beroep van eiser is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden.