ECLI:NL:RBDHA:2024:15574
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op overbruggingsregeling studiefinanciering en bevestiging OV-schuld
Eiseres volgde een MBO-opleiding en behaalde op 20 april 2023 haar laatste examen. Daarna schreef zij zich in voor vervolgopleidingen, waarvan één weer werd stopgezet en een andere pas in september 2023 zou starten. Zij vroeg om toepassing van de overbruggingsregeling studiefinanciering, maar dit werd geweigerd omdat de vervolgopleiding niet binnen vier maanden na afronding van de MBO-opleiding begon.
Eiseres reisde in mei 2023 met het studentenreisproduct terwijl zij niet studeerde, wat leidde tot een OV-boete en vaststelling van een OV-schuld. De rechtbank oordeelde dat het recht op studiefinanciering en het reisproduct verviel na het laatste examen en dat het gebruik van het reisproduct voor een stage niet gerechtvaardigd was.
Eiseres voerde een beroep op de hardheidsclausule en het evenredigheidsbeginsel aan, stellende dat zij door voortvarendheid en omstandigheden werd benadeeld. De rechtbank vond echter geen bijzondere individuele omstandigheden die een afwijking rechtvaardigen. Het beroep werd ongegrond verklaard en de opgelegde boete als redelijk beoordeeld.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de overbruggingsregeling en de OV-schuld is ongegrond verklaard.