Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , verzoeker
V-nummer: [V-nummer] ,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 13 september 2024 waarbij de minister van Asiel en Migratie de asielaanvraag niet in behandeling heeft genomen, omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens het Dublin-verdrag.
Verzoeker heeft tevens een voorlopige voorziening gevraagd om het bestreden besluit te schorsen. De voorzieningenrechter heeft zonder zitting uitspraak gedaan op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De voorzieningenrechter overweegt dat de rechtbank bij uitspraak van dezelfde dag in het hoofdberoep (zaaknummer NL24.35860) reeds een beslissing heeft genomen, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Het verzoek wordt daarom afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan in het hoofdberoep.