Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr. B.A. Smit, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie
op rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 23 februari 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De aanvraag werd vanaf 20 oktober 2022 in de nationale procedure opgenomen. Eiser stelde de minister meerdere malen in gebreke wegens het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag en stelde op 27 februari 2024 een eerste beroep in tegen het uitblijven van een besluit. Dit eerste beroep werd op 4 juni 2024 kennelijk niet-ontvankelijk verklaard, maar na verzet op 20 september 2024 alsnog gegrond verklaard en opnieuw behandeld.
Vervolgens stelde eiser op 16 juli 2024 een tweede beroep in met dezelfde strekking, wederom tegen het niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank beoordeelde ambtshalve of er procesbelang bestond bij dit tweede beroep. Gezien het feit dat het tweede beroep niets anders beoogt dan het eerste, concludeerde de rechtbank dat procesbelang ontbreekt.
Daarom verklaarde de rechtbank het tweede beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter A.G.D. Overmars en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.