Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam], verzoeker,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag op grond van de Dublin-verordening. Verzoeker heeft tevens een voorlopige voorziening gevraagd om het bestreden besluit te schorsen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen, mede omdat in een gelijktijdige zaak (zaaknummer NL24.1665) reeds uitspraak is gedaan waarin het beroep ongegrond werd verklaard. De voorzieningenrechter achtte het niet nodig om de voorlopige voorziening toe te wijzen en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan zonder mondelinge behandeling en is definitief; tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Hiermee bevestigt de rechtbank het interstatelijke vertrouwensbeginsel binnen de Dublin-verordening dat bepaalt dat het land dat verantwoordelijk is voor de asielaanvraag deze ook moet behandelen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is afgewezen.