De Raad voor de Kinderbescherming verzoekt een ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige voor de duur van een jaar, vanwege ernstige gedragsproblemen waaronder agressie, wegloopgedrag, alcoholmisbruik en seksueel grensoverschrijdend gedrag. De minderjarige verblijft sinds kort in een open jeugdhulpaccommodatie waar zij een positieve, maar nog fragiele ontwikkeling doormaakt.
De moeder stemt in met het verzoek en benadrukt het belang van voortzetting van de behandeling en schoolgang. De gecertificeerde instelling ondersteunt de voortzetting van de huidige hulpverlening en zoekt naar passende schoolmogelijkheden. De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria voor ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing is voldaan en dat de machtiging noodzakelijk is voor de verzorging en opvoeding van de minderjarige.
De gesloten plaatsing is niet effectief gebleken en heeft de problematiek eerder verergerd. De huidige open setting biedt een stabiele basis voor behandeling en ontwikkeling. De kinderrechter acht het noodzakelijk dat de jeugdbeschermer toezicht houdt en dat de hulpverlening wordt voortgezet en afgestemd op de behoeften van de minderjarige. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en geldt voor de periode van 10 september 2024 tot 10 september 2025.