ECLI:NL:RBDHA:2024:16120
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht aan Kroatië in asielprocedure
Verzoeker, een Syrische asielzoeker, heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag niet in behandeling te nemen omdat Kroatië verantwoordelijk zou zijn voor de asielprocedure. Hij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening die de overdracht aan Kroatië zou verbieden totdat op het beroep tegen dit besluit is beslist.
De voorzieningenrechter nam kennis van een lopende zaak bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State over de opvangvoorzieningen en het risico op pushbacks in Kroatië. Vanwege de onduidelijkheid over de feitelijke situatie en het nader onderzoek in die hoofdzaak, achtte de voorzieningenrechter het noodzakelijk om het verzoek tot voorlopige voorziening toe te wijzen.
Daarom werd het bestreden besluit geschorst en werd bepaald dat verzoeker niet mag worden overgedragen aan Kroatië totdat het beroep is afgerond. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geschorst en verzoeker mag niet worden overgedragen aan Kroatië totdat op het beroep is beslist.