Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft op 6 juni 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 12 november 2023. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 12 mei 2024 eindigen. Echter, de minister van Asiel en Migratie heeft de beslistermijn rechtsgeldig verlengd met negen maanden op grond van de WBV 2023/3, waardoor de termijn verlengd werd tot 12 februari 2025.
De rechtbank heeft in eerdere uitspraken geoordeeld dat deze verlenging rechtsgeldig is vanwege de situatie zoals bedoeld in artikel 42, vierde lid, onder b, van de Vreemdelingenwet. De rechtbank ziet geen reden om hiervan af te wijken in deze zaak. Hierdoor was de ingebrekestelling van 16 mei 2024 te vroeg ingediend omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken.
Op grond hiervan verklaart de rechtbank het beroep van eiser kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter K.M. de Jager op 7 oktober 2024 en openbaar gemaakt via een geanonimiseerde publicatie.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling door geldige verlenging van de beslistermijn.