ECLI:NL:RBDHA:2024:16683
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Hindriks
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende bewijs verhoogd risico rekrutering Al-Shabaab in Mogadishu
Eiser, een Somalische staatsburger geboren in 2001, verzocht asiel op grond van vrees voor rekrutering door Al-Shabaab in Mogadishu. Hij stelde dat hij bedreigd werd door zijn neef, lid van Al-Shabaab, nadat hij weigerde zich aan te sluiten bij de groepering. Verweerder wees de aanvraag af wegens gebrek aan bewijs en onvoldoende geloofwaardigheid van het relaas.
De rechtbank beoordeelde de situatie aan de hand van artikel 15c van de Kwalificatierichtlijn, dat bescherming biedt bij ernstige schade door willekeurig geweld in een gewapend conflict. De rechtbank concludeerde dat Mogadishu niet onder een dergelijke uitzonderlijke situatie valt, mede gelet op het landgebonden beleid en ambtsberichten die aangeven dat Al-Shabaab niet de controle heeft over Mogadishu en aanslagen zich niet richten op willekeurige burgers.
Eiser kon onvoldoende individuele elementen aantonen die een verhoogd risico op ernstige schade rechtvaardigen. Zijn verklaringen waren vaag en summier, en het beroep op een glijdende schaal van risico werd verworpen. Ook de geloofwaardigheid van de bedreiging door zijn neef werd betwijfeld vanwege tegenstrijdigheden en gebrek aan details.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zorgvuldig heeft gehandeld, voldoende doorgevraagd heeft en dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij een reëel risico loopt op ernstige schade door willekeurig geweld of rekrutering. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep op asiel wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van een verhoogd risico op ernstige schade door willekeurig geweld in Mogadishu.