ECLI:NL:RBDHA:2024:17278
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediend tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
De eiser heeft op 3 juni 2023 een asielaanvraag ingediend waarop de minister binnen zes maanden, te weten 3 december 2023, een besluit moest nemen. De minister heeft de beslistermijn echter rechtsgeldig met negen maanden verlengd vanwege een groot aantal gelijktijdige aanvragen, conform artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000.
De eiser heeft een ingebrekestelling ingediend die gedateerd is op 4 december 2023, maar die pas op 22 juli 2024 door de minister is ontvangen. Dit betekent dat de ingebrekestelling prematuur was en het daaropvolgende beroep niet voldoet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank heeft partijen laten weten dat een zitting niet nodig is en heeft het onderzoek gesloten. Gezien de prematuur ingediende ingebrekestelling en het niet voldoen aan de wettelijke vereisten, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur indienen.