Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[minderjarige], V-nummer: [V nummer 2] (gemachtigde: mr. M.J.A. Rinkes),
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Verzoekster, een Congolese burger geboren in 1999, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde procedure. De minister van Asiel en Migratie verklaarde deze aanvraag niet-ontvankelijk bij besluit van 23 juli 2024. Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening samen met de hoofdzaak (zaaknummer NL24.29957) op 18 september 2024. Verzoekster was verhinderd om te verschijnen, terwijl de minister zich liet vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
De voorzieningenrechter oordeelde dat nu de hoofdzaak is behandeld en uitspraak is gedaan, een voorlopige voorziening niet langer nodig is. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan op 25 september 2024 en staat niet open voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak is behandeld en uitspraak is gedaan.