ECLI:NL:RBDHA:2024:17731
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublinprocedure
De eiser, een Gambiaanse nationaliteit, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft dit verzoek niet in behandeling genomen omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.
De eiser stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht daarnaast om een voorlopige voorziening. De rechtbank heeft na toestemming van partijen besloten de zaak zonder zitting te behandelen en het onderzoek te sluiten.
Op dezelfde dag werd uitspraak gedaan in het hoofdberoep, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was. De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.