Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Minister van Asiel en Migratie, de minister (gemachtigde: S. Faddach).
Procesverloop
Overwegingen
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De minister van Asiel en Migratie legde op 12 april 2024 aan eiser een maatregel van vreemdelingenbewaring op. Op 4 oktober 2024 nam de minister een besluit tot verlenging van deze bewaring met maximaal twaalf maanden vanaf 9 oktober 2024. Eiser stelde hiertegen beroep in en verzocht tevens om schadevergoeding.
Op 8 oktober 2024 werd de maatregel van bewaring opgeheven vanwege een door eiser ingediende asielaanvraag, waardoor het verlengingsbesluit feitelijk niet in werking trad. De rechtbank behandelde het beroep op 14 oktober 2024, waarbij eiser zich liet vertegenwoordigen en een afstandsverklaring tekende.
De rechtbank oordeelde dat eiser geen procesbelang had bij de beoordeling van het verlengingsbesluit omdat dit besluit nooit is uitgevoerd. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen inhoudelijke beoordeling van het verlengingsbesluit gegeven. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open voor zover het betreft het verlengingsbesluit.
Uitkomst: Het beroep tegen het verlengingsbesluit werd niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.