Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser
de Minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- identiteit, nationaliteit en herkomst;
- problemen met de Turkse autoriteiten vanwege betrokkenheid bij de Gülenbeweging.
allereerstgekeken dient te worden of op de vreemdeling een bepaald risicoprofiel van toepassing is, waarna
vervolgensde individuele omstandigheden worden beoordeeld tegen het licht van dat risicoprofiel. Daarbij merkt de rechtbank overigens nog het volgende ten overvloede op. Onder het voorheen geldende beleid van risicogroepen, kon de vreemdeling die behoorde tot een dergelijke groep, als sprake is van geloofwaardige en individualiseerbare verklaringen, met geringe indicaties aannemelijk maken dat zijn problemen - die verband houden met één van de vervolgingsgronden - leiden tot een gegronde vrees voor vervolging. Ook daar bleef het individualiseringsvereiste van toepassing, zij het dat de vreemdeling in dat kader kon volstaan met het aannemelijk maken van geringe indicaties. In dit geval ziet de rechtbank ook overigens – nog steeds ten overvloede – in het licht van de navolgende overwegingen niet in dat sprake is van die geringe indicaties.