ECLI:NL:RBDHA:2024:18529
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser diende op 17 oktober 2023 een asielaanvraag in. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 17 april 2024 eindigen. Met de inwerkingtreding van de WBV 2023/3 is deze termijn verlengd met negen maanden tot 17 januari 2025. De rechtbank heeft in eerdere uitspraken geoordeeld dat deze verlenging rechtsgeldig is vanwege de situatie zoals bedoeld in artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet.
Eiser stelde op 22 april 2024 een ingebrekestelling op, maar omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken, was deze ingebrekestelling prematuur. Volgens artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht kan een beroepschrift pas worden ingediend nadat het bestuursorgaan in gebreke is gesteld en twee weken zijn verstreken.
De rechtbank oordeelt dat het beroep van eiser tegen het uitblijven van een besluit op zijn asielaanvraag daarom kennelijk niet-ontvankelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.C.J. van Dooijeweert en openbaar gemaakt op 11 november 2024.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.