Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Minister van Asiel en Migratie, de minister, (gemachtigde: S. Faddach).
Procesverloop
Overwegingen
Asielaanvraag
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De minister van Asiel en Migratie heeft op 3 oktober 2024 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank heeft het beroep op 14 oktober 2024 behandeld.
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, betwistte enkele zware gronden waarop de maatregel was gebaseerd, maar erkende andere gronden die de rechtbank voldoende en feitelijk juist achtte. De rechtbank oordeelde dat deze onbetwiste gronden voldoende waren om de maatregel te dragen, waardoor de overige betwiste gronden niet verder hoefden te worden besproken.
Verder stelde de rechtbank vast dat eiser zijn asielaanvraag niet had ingetrokken, ondanks eerdere onduidelijkheid hierover. De rechtbank voerde ook een ambtshalve toetsing uit en concludeerde dat de maatregel tot het moment van sluiting van het onderzoek niet onrechtmatig was.
Op grond van deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.