Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familie- of gezinslid in het kader van nareis. De aanvraag werd ontvangen op 8 september 2023. De minister heeft de beslistermijn met drie maanden verlengd, maar deze termijn is inmiddels verstreken zonder besluit.
De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder zitting, omdat partijen hiermee instemden. De rechtbank stelt vast dat eiseres de minister rechtsgeldig in gebreke heeft gesteld en dat sindsdien meer dan twee weken zijn verstreken, waardoor het beroep gegrond is.
De rechtbank volgt het fifo-principe dat bij eerdere uitspraken is vastgesteld en legt de minister een termijn van vier weken op om alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500,- opgelegd. De reeds verbeurde dwangsom wordt vastgesteld op €1.442,-. Daarnaast wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiseres.