ECLI:NL:RBDHA:2024:19274
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen voortduren maatregel van bewaring in vreemdelingenzaak met zicht op uitzetting
Eiser, met de Algerijnse nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 8 oktober 2024 door verweerder is opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank heeft eerder geoordeeld dat de maatregel tot 16 oktober 2024 rechtmatig was, en beoordeelt nu de rechtmatigheid sinds die datum.
Eiser voert aan dat door zijn niet-medewerking aan presentatie aan de Algerijnse autoriteiten geen laissez-passer wordt afgegeven, waardoor geen zicht op uitzetting bestaat. De rechtbank stelt dat het ontbreken van reactie van Algerijnse autoriteiten en het niet meewerken van eiser aan zijn presentatie niet betekent dat het zicht op uitzetting ontbreekt. Eiser heeft geen documenten om terug te keren en heeft geen stappen ondernomen om die te verkrijgen.
De rechtbank benadrukt dat eiser een meewerkplicht heeft en dat vertragingen in het proces voor zijn rekening en risico zijn. Gezien de omstandigheden is het voortduren van de maatregel van bewaring niet onrechtmatig. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.