ECLI:NL:RBDHA:2024:19304
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag uitkering Schadefonds geweldsmisdrijven wegens ontbreken ernstig psychisch letsel
Eiseres heeft een uitkering aangevraagd uit het Schadefonds geweldsmisdrijven naar aanleiding van een incident op 25 maart 2018 waarbij zij slachtoffer werd van een misdrijf en psychische klachten ontwikkelde. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiseres niet had aangetoond dat sprake was van ernstig letsel zoals vereist in artikel 3 van Pro de Wet schadefonds geweldsmisdrijven (Wsg).
Eiseres stelde dat de bedreiging met een dronken man die flessen gooide en haar bedreigde met de dood gelijkgesteld moest worden aan een bedreiging met een mes, wat volgens haar recht geeft op een uitkering zonder aanvullende medische bewijsvoering. De rechtbank oordeelde echter dat het gooien van flessen niet gelijkgesteld kan worden aan bedreigingen met mes, vuurwapen of hamer, waarvoor het ernstig psychisch letsel wordt voorondersteld.
Omdat eiseres geen medische informatie had overgelegd en niet bleek dat zij behandeling had gezocht bij een gekwalificeerde hulpverlener, kon verweerder de ernst van de psychische klachten niet beoordelen. De rechtbank vond dat verweerder de aanvraag terecht had afgewezen en dat het besluit niet in strijd was met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, het bestreden besluit bleef in stand en eiseres kreeg geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wees het beroep af en handhaafde de afwijzing van de aanvraag uitkering wegens ontbreken van bewijs van ernstig psychisch letsel.