In deze bestuursrechtelijke zaak heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag op 23 december 2022 een omgevingsvergunning verleend voor de kap van zes bomen op een perceel, maar de vergunning voor de kap van één boom geweigerd. Eiser heeft tegen dit besluit beroep ingesteld, maar heeft geen gronden van het beroep ingediend.
De rechtbank heeft eiser op 27 mei 2024 schriftelijk gewezen op het ontbreken van de beroepsgronden en hem in de gelegenheid gesteld dit verzuim binnen vier weken te herstellen. Eiser heeft dit niet gedaan en heeft op de zitting verklaard dat dit verband houdt met verblijf in het buitenland, hetgeen niet als verschoonbaar verzuim wordt aangemerkt.
De rechtbank heeft daarom het beroep niet-ontvankelijk verklaard, waardoor de zaak niet inhoudelijk is beoordeeld. Eiser krijgt geen terugbetaling van het griffierecht en geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 26 november 2024.