ECLI:NL:RBDHA:2024:19486
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring opvolgende asielaanvragen
Verzoekers hebben opvolgende asielaanvragen ingediend die door de minister van Asiel en Migratie niet-ontvankelijk zijn verklaard op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder d, van de Vreemdelingenwet 2000. Hiertegen is beroep ingesteld en tevens is een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld op 7 november 2024. Omdat de rechtbank bij uitspraak van dezelfde dag in de hoofdzaak heeft beslist, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wijst het verzoek af.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring opvolgende asielaanvragen is afgewezen.