Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de Minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: H. Toonders).
Procesverloop
Overwegingen
Ambtshalve toetsing
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, die stelt Tunesische nationaliteit te hebben, is op 4 september 2024 in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het dossier bestudeerd.
De rechtbank heeft vastgesteld dat er in het algemeen zicht is op uitzetting naar Tunesië. De Tunesische autoriteiten konden de nationaliteit van eiser niet vaststellen op basis van de beschikbare gegevens. Eiser wisselde in vertrekgesprekken over zijn documenten en gaf aan dat zijn paspoort bij zijn broer ligt, met wie hij geen contact meer heeft. De rechtbank benadrukt dat eiser een medewerkingsplicht heeft om zijn identiteit en nationaliteit te onderbouwen.
De enkele verklaring van eiser dat hij geen documenten kan overleggen en contact heeft gehad met de ambassade, is onvoldoende, vooral omdat niet is gebleken dat hij alle mogelijkheden heeft benut om zijn nationaliteit te bewijzen. De rechtbank concludeert dat er nog zicht is op uitzetting en dat de maatregel van bewaring rechtmatig is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.