ECLI:NL:RBDHA:2024:19641
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige uitsluiting van studenten van eenmalige energietoeslag 2022 door college Den Haag
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor de eenmalige energietoeslag 2022, omdat hij student is en het college studenten categorisch uitsluit van deze toeslag. Het college baseert deze uitsluiting op het argument dat studenten doorgaans een andere woonsituatie hebben en daardoor minder getroffen worden door gestegen energiekosten, en dat individuele bijzondere bijstand een redelijk alternatief is.
De rechtbank beoordeelt of deze categorische uitsluiting in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod. Hoewel studenten en niet-studenten in veel gevallen niet vergelijkbaar zijn, zijn er ook studenten die qua woonsituatie, inkomen en energiekosten gelijk zijn aan niet-studenten die wel toeslag ontvangen. De rechtbank oordeelt dat er sprake is van ongelijke behandeling zonder voldoende objectieve en redelijke rechtvaardiging.
De rechtbank vindt dat het college de doelmatigheid van het onderscheid slechts ten dele heeft aangetoond en dat de maatregel niet proportioneel is. Het college heeft onvoldoende onderbouwd waarom minder vergaande alternatieven niet mogelijk zijn en waarom individuele bijzondere bijstand een passend alternatief zou zijn. Daarom is artikel 4, vierde lid, onder c, van de Beleidsregel energietoeslag Den Haag 2022 onverbindend.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt het college op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens moet het college het griffierecht aan eiser vergoeden. De rechtbank neemt geen eigen beslissing over de aanvraag wegens gebrek aan informatie.
Uitkomst: Het besluit van het college Den Haag dat studenten categorisch uitsluit van de energietoeslag 2022 wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen.