ECLI:NL:RBDHA:2024:19644
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige categorale uitsluiting van studenten voor eenmalige energietoeslag 2022
Eiser, een student jonger dan 27 jaar die studiefinanciering ontvangt, vroeg op 25 juni 2022 de eenmalige energietoeslag aan. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag wees de aanvraag af op grond van de beleidsregel die studenten categorisch uitsluit. De rechtbank beoordeelde of deze uitsluiting in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod.
De rechtbank oordeelde dat studenten en andere minima zich in vergelijkbare situaties bevinden wat betreft woonsituatie, inkomen en energiekosten, waardoor sprake is van ongelijke behandeling. Hoewel het college een legitiem doel nastreeft om overcompensatie te voorkomen, is het categorisch uitsluiten van studenten slechts ten dele doelmatig en niet proportioneel. Een aanzienlijk deel van de studenten woont in vergelijkbare woonomstandigheden als andere minima die wel energietoeslag ontvangen.
De rechtbank constateerde dat het college geen minder vergaande alternatieven heeft onderbouwd, zoals het vereisen van een energiecontract op naam of differentiatie op basis van woonsituatie. Ook is individuele bijzondere bijstand geen redelijk alternatief omdat de voorwaarden strenger zijn en de compensatie anders wordt berekend. Daarom is artikel 4, vierde lid, onder c, van de Beleidsregel in strijd met het discriminatieverbod en het gelijkheidsbeginsel en daarmee onverbindend.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt het college op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt het griffierecht en een proceskostenvergoeding van €1.750,- aan eiser toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd vanwege strijd met het discriminatieverbod en het gelijkheidsbeginsel.