ECLI:NL:RBDHA:2024:19652
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige categorale uitsluiting van studenten voor eenmalige energietoeslag 2022
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor de eenmalige energietoeslag 2022, omdat hij student is en volgens het college daardoor niet tot de doelgroep behoort. Het college handhaafde dit besluit, stellende dat studenten vanwege hun woonsituatie en studiefinanciering anders behandeld mogen worden en dat individuele bijzondere bijstand een redelijk alternatief is.
De rechtbank oordeelt dat studenten en niet-studenten zich in vergelijkbare situaties kunnen bevinden wat betreft inkomen, woonsituatie en energiekosten, en dat de categorale uitsluiting van studenten daarom een ongelijke behandeling inhoudt. Hoewel het college een legitiem doel nastreeft, namelijk het voorkomen van overcompensatie, is de maatregel slechts ten dele doelmatig en niet proportioneel.
De rechtbank stelt vast dat een aanzienlijk deel van de studenten in vergelijkbare woonomstandigheden verkeert als andere minima die wel energietoeslag ontvangen. Het college heeft onvoldoende onderbouwd waarom minder vergaande alternatieven niet mogelijk zijn en waarom individuele bijzondere bijstand een passend alternatief zou zijn. Daarom is artikel 4, vierde lid, onder c, van de Beleidsregel in strijd met het discriminatieverbod en het gelijkheidsbeginsel en onverbindend.
Het bestreden besluit wordt vernietigd en het college wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. De rechtbank kent het griffierecht aan eiser toe en ziet af van een aanvullende proceskostenvergoeding wegens eerdere veroordeling van het college in samenhangende zaken.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het college dient een nieuw besluit te nemen zonder categorale uitsluiting van studenten.