ECLI:NL:RBDHA:2024:19659
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige categorale uitsluiting van studenten voor energietoeslag 2022
Eiser en zijn partner, beiden student en jonger dan 27 jaar, vroegen een eenmalige energietoeslag 2022 aan bij het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. Het college wees de aanvraag af omdat studenten studiefinanciering ontvangen en daarom niet tot de doelgroep behoren. De rechtbank beoordeelde het beroep tegen deze afwijzing.
De rechtbank stelde vast dat studenten en andere minima zich in vergelijkbare situaties kunnen bevinden wat betreft woonsituatie, inkomen en energiekosten, waardoor sprake is van ongelijke behandeling. Het college had als doel overcompensatie te voorkomen en de middelen doelmatig in te zetten, wat een legitiem doel is. Echter, het categorisch uitsluiten van studenten is slechts ten dele doelmatig en niet proportioneel.
De rechtbank vond dat een aanzienlijk deel van de studenten in vergelijkbare woonomstandigheden verkeert als andere minima die wel energietoeslag ontvangen. Het college had geen onderbouwde alternatieven onderzocht, zoals het vereisen van een energiecontract op naam of differentiatie in toeslagbedragen. Bovendien is individuele bijzondere bijstand geen redelijk alternatief vanwege hogere bewijsvereisten en andere compensatievorm.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het college een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens moet het college het griffierecht vergoeden. De uitspraak benadrukt het belang van proportionaliteit en gelijke behandeling bij categorale uitsluitingen in het sociale zekerheidsbeleid.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen waarbij studenten niet categorisch worden uitgesloten van de energietoeslag.