ECLI:NL:RBDHA:2024:19664
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige uitsluiting van studenten van eenmalige energietoeslag 2022
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor de eenmalige energietoeslag 2022 door het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. Het college sloot studenten uit van de toeslag omdat zij studiefinanciering ontvangen en daardoor niet tot de doelgroep behoren. De rechtbank heeft beoordeeld of deze categorische uitsluiting in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod.
De rechtbank stelt vast dat studenten en niet-studenten zich in vergelijkbare situaties kunnen bevinden wat betreft inkomen, woonsituatie en energiekosten. Het college heeft als legitiem doel gesteld overcompensatie te voorkomen en de middelen doelmatig in te zetten. De rechtbank volgt het college deels in de doelmatigheid, maar oordeelt dat de categorische uitsluiting niet proportioneel is, omdat een substantieel deel van de studenten vergelijkbare woonomstandigheden heeft als andere minima die wel toeslag ontvangen.
Het college heeft onvoldoende onderbouwd waarom minder vergaande maatregelen niet mogelijk zijn en waarom individuele bijzondere bijstand een redelijk alternatief zou zijn. De rechtbank verklaart artikel 4, vierde lid, onder c, van de Beleidsregel energietoeslag Den Haag 2022 onverbindend en vernietigt het bestreden besluit. Het college wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak en moet het griffierecht aan eiser vergoeden.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd omdat de categorische uitsluiting van studenten van de energietoeslag in strijd is met het discriminatieverbod en het gelijkheidsbeginsel.