De Raad voor de Kinderbescherming heeft een verzoek ingediend tot ondertoezichtstelling van een minderjarige geboren in 2016, vanwege ernstige bedreiging van haar ontwikkeling. De zorgen betreffen seksueel grensoverschrijdend gedrag waaraan de minderjarige is blootgesteld, waaronder een incident op school, een mogelijk incident met haar halfbroer, en het maken van een seksueel getint filmpje van zichzelf. Daarnaast zijn er signalen dat zij pornografische films heeft gezien. Ook is er sprake van spanningen en conflicten tussen de ouders, die een negatieve invloed hebben op de minderjarige.
De ouders zijn belast met het ouderlijk gezag en de minderjarige woont bij de moeder met een zorgregeling voor de vader. De moeder voert verweer en stelt dat het goed gaat met de minderjarige bij haar thuis en dat zij actief hulp zoekt. De vader erkent de zorgen maar ziet ook mogelijke voordelen in de ondertoezichtstelling. De gecertificeerde instelling is nog niet betrokken.
De kinderrechter overweegt dat de wettelijke criteria voor ondertoezichtstelling zijn vervuld. De minderjarige is ernstig in haar ontwikkeling bedreigd door het seksueel grensoverschrijdend gedrag en de onrustige opvoedsituatie. De ouders zijn bereid maar onvoldoende in staat om de bedreiging zelfstandig weg te nemen. Het is noodzakelijk dat een jeugdbeschermer regie voert over de hulpverlening en dat opvoedondersteuning in beide thuissituaties wordt ingezet. De ondertoezichtstelling wordt voor de duur van één jaar toegewezen en is uitvoerbaar bij voorraad.