ECLI:NL:RBDHA:2024:19737
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens gebrek aan geloofwaardigheid en veilig land van herkomst Tunesië
Eiser, van Tunesische nationaliteit, diende op 16 mei 2024 een asielaanvraag in met het argument dat hij Tunesië had verlaten vanwege financiële problemen en familieconflicten. Hij stelde dat zijn timmermansbedrijf door de Covid-19-pandemie failliet ging en dat hij schulden had bij een bank. De minister wees de aanvraag op 22 augustus 2024 af als kennelijk ongegrond, omdat eiser zijn verklaringen onvoldoende onderbouwde met objectieve documenten en zijn verhaal tegenstrijdig en vaag was.
De rechtbank behandelde het beroep op 8 november 2024, waarbij eiser en zijn gemachtigde afwezig waren. De rechtbank oordeelde dat de minister terecht de geloofwaardigheid van de financiële en familieproblemen in twijfel trok, mede omdat eiser in vier jaar Europa geen pogingen had ondernomen om relevante documenten te verkrijgen. Tunesië werd bevestigd als een veilig land van herkomst, zonder dat eiser aannemelijk had gemaakt dat hij tot een uitzonderingscategorie behoorde.
Verder werd het terugkeerbesluit van de minister bevestigd, waarbij het risico op refoulement werd beoordeeld als onvoldoende aannemelijk. De rechtbank concludeerde dat eiser geen reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer naar Tunesië. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit bevestigd.