Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , verzoeker
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Op 16 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie de asielaanvraag van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting, conform artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Omdat op dezelfde dag een uitspraak is gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.36145), achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen omdat de hoofdzaak is beslist.