Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker], verzoeker,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker diende een verzoek om voorlopige voorziening in tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning als zelfstandige. De voorzieningenrechter oordeelt dat het griffierecht niet is voldaan, ondanks dat verzoeker per aangetekende brief is verzocht dit binnen twee weken te doen. De brief is niet afgehaald, wat voor risico van verzoeker komt.
Volgens de artikelen 8:82 en 8:41 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) leidt het niet betalen van het griffierecht tot niet-ontvankelijkheid van het verzoek, tenzij sprake is van een gegronde uitzondering. In dit geval is geen sprake van omstandigheden die verzoeker vrijstellen van verzuim.
De voorzieningenrechter verklaart het verzoek daarom niet-ontvankelijk en wijst het af. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.