ECLI:NL:RBDHA:2024:20017
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot voortzetting crisismaatregel wegens opgeknapt toestandsbeeld
De officier van justitie verzocht op 19 november 2024 om voortzetting van een crisismaatregel die op 18 november 2024 was opgelegd aan betrokkene. De rechtbank hield op 22 november 2024 een mondelinge behandeling waarbij betrokkene, zijn advocaat, de behandelend arts, zijn moeder en een vriendin van zijn moeder aanwezig waren.
Betrokkene gaf aan dat het goed met hem gaat, hij gestopt is met medicatie in overleg met de arts en hij wil zich vrijwillig laten behandelen voor zijn verslaving bij een gespecialiseerde kliniek. De arts bevestigde dat betrokkene geen psychotische klachten meer vertoont en dat voortzetting van de crisismaatregel niet nodig is. De moeder gaf aan dat zij het moeilijk vindt, maar wenst dat betrokkene herstelt.
De rechtbank oordeelde dat het toestandsbeeld van betrokkene voldoende is opgeknapt en dat er geen sprake meer is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Omdat betrokkene zich niet verzet tegen zorg en zich vrijwillig wil laten behandelen, zijn de wettelijke criteria voor voortzetting van de crisismaatregel niet vervuld. Het verzoek tot voortzetting wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens verbetering van het toestandsbeeld en het ontbreken van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.