ECLI:NL:RBDHA:2024:20341
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen verlenging sluiting woning na explosie
In de nacht van 15 op 16 oktober 2024 vond een explosie plaats bij de woning van verzoekster, waarbij schade ontstond aan de voordeur en tuinmeubilair. Verweerder, de burgemeester van Den Haag, besloot de woning voor twee weken te sluiten vanwege ernstige verstoring van de openbare orde en veiligheid. Na ontvangst van een bestuurlijke rapportage waarin een verband werd gelegd met een drugsconflict en meerdere gewelddadige incidenten, verlengde verweerder de sluiting met twee weken.
Verzoekster maakte bezwaar tegen de sluiting en stelde dat de ernst en het verband met de explosie onvoldoende waren toegelicht, dat zij onbedoeld slachtoffer was en dat minder ingrijpende maatregelen mogelijk waren. De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder bevoegd was tot sluiting op grond van artikel 174a van de Gemeentewet, gelet op de ernst van de verstoring en de gerichte dreiging.
De voorzieningenrechter achtte de sluiting noodzakelijk en passend om de openbare orde en het woonklimaat te beschermen, mede gezien eerdere incidenten waarbij minder ingrijpende maatregelen onvoldoende waren gebleken. De belangenafweging leidde tot het oordeel dat het algemene belang van openbare orde en veiligheid zwaarder woog dan het belang van verzoekster om terug te keren naar haar woning, temeer daar zij en haar gezin tijdelijk elders konden verblijven.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het bezwaar waarschijnlijk niet tot een ander besluit zou leiden en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. De woning mag gesloten blijven tot 16 november 2024, 20:00 uur.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de verlenging van de sluiting van de woning wordt afgewezen.