ECLI:NL:RBDHA:2024:2043
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep wegens niet tijdig besluit mvv-nareis met oplegging dwangsom en kostenveroordeling
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis voor haar en haar minderjarige kinderen. De aanvraag was ingediend op 18 juli 2022, waarna de staatssecretaris de beslistermijn met drie maanden verlengde, maar uiteindelijk geen besluit nam binnen de wettelijke termijn.
Na een rechtsgeldige ingebrekestelling op 15 september 2023 en het verstrijken van de beslistermijn zonder besluit, stelde eiseres op 9 november 2023 beroep in. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is. Gelet op de bijzondere omstandigheden rond gezinshereniging bij asielvergunninghouders, wordt een langere termijn dan de standaard twee weken gegund voor het alsnog nemen van een besluit.
De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen de staatssecretaris een besluit moet nemen, met een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding, maximaal €7.500. Tevens wordt vastgesteld dat reeds €1.442 aan bestuurlijke dwangsommen is verbeurd. Daarnaast wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €437,50 en het griffierecht van €184 aan eiseres.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt een termijn en dwangsom op voor het alsnog nemen van een besluit op de mvv-nareis aanvraag.