ECLI:NL:RBDHA:2024:20453
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling bij ingetrokken beroep wegens niet tijdig beslissen herbeoordeling WIA
Verzoekster heeft op 30 januari 2024 een herbeoordeling aangevraagd in het kader van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Omdat verweerder (het UWV) niet tijdig een besluit nam, stelde verzoekster het bestuursorgaan op 5 april 2024 in gebreke en startte zij een beroep tegen het niet tijdig beslissen.
Verzoekster trok het beroep op 8 november 2024 in nadat verweerder alsnog een beslissing nam. Vervolgens verzocht verzoekster om een proceskostenveroordeling van verweerder. Verweerder stemde in met een proceskostenveroordeling maar verzocht om een lagere wegingsfactor van 0,25 toe te passen.
De rechtbank oordeelde dat het beroep van eenvoudige aard was, omdat het uitsluitend ging om de niet-tijdigheid van het besluit, en dat volgens vaste rechtspraak een wegingsfactor van 0,5 hoort te worden toegepast. De rechtbank wees het verzoek toe en veroordeelde verweerder tot betaling van € 437,50 aan proceskosten, inclusief vergoeding van het griffierecht van € 51,-.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van € 437,50 aan proceskosten aan verzoekster.